A person lifting dumbbells while sitting on a bench in a modern gym setting.

Leiderschap en de rol van ondernemende sportaanbieders in de strijd tegen beweegarmoede

Drie studenten, Dirk van Driest, Mauk Schuddeboom en Mees ten Broeke, van de Universiteit Utrecht deden onderzoek naar ‘Leiderschap en de rol van ondernemende sportaanbieders in de strijd tegen beweegarmoede’. Wat blijkt? Beweegarmoede is een groeiend probleem, maar het beleid blijft achter. Ondernemende sportaanbieders kunnen het verschil maken, tenminste, als ze de ruimte krijgen. In dit artikel beschrijven we de belangrijkste resultaten van het onderzoek.

Beweegarmoede als ‘wicked problem’

Meer dan de helft van de Nederlanders beweegt te weinig. Vooral jongeren, ouderen, mensen met een lager inkomen en inwoners van kwetsbare wijken blijven achter. De maatschappelijke gevolgen? Gezondheidsproblemen, stijgende zorgkosten en een verminderde arbeidsparticipatie. Deze zogeheten beweegarmoede is een typisch ‘wicked problem’: complex, hardnekkig en zonder simpele oplossing.

Traditioneel beleid sluit niet meer aan

Veel sportbeleid is nog altijd gericht op verenigingen. Maar juist de mensen die het meest te winnen hebben bij meer beweging, zijn steeds minder te vinden bij sportverenigingen. Ondertussen wint de ondernemende sportaanbieder terrein. Denk aan fitnessclubs, dansscholen, personal trainers of urban sportinitiatieven. Zij bereiken vaak wel de moeilijk bereikbare groepen. Ze zijn flexibel, opereren midden in de wijk en kunnen goed aansluiten op de leefwereld van hun doelgroep.

De toekomst van sportbeleid vraagt dus om een inclusiever netwerk, waarin zowel verenigingen als ondernemers een volwaardige rol spelen. Door deze verschillende visies en krachten te bundelen, kan gezamenlijk nagedacht worden over de oorzaken van beweegarmoede en effectieve interventies. Want niet de rechtsvorm, maar de maatschappelijke waarde van het totaal aan sportaanbieders helpt bij het tegengaan van beweegarmoede. Wat telt is of een sportaanbieder bijdraagt aan doelen als gezondheid, inclusie en participatie.

Een nieuw speelveld vraagt om nieuw leiderschap

POS bundelt, als sportkoepel voor de ondernemende sport, de krachten van deze uiteenlopende sportondernemers en pleit voor hun structurele plek aan de beleidstafel. Dat vraagt om leiderschap op twee fronten:

  • Intern: het verder bouwen aan een verbonden netwerk van ondernemers met een gedeelde missie.
  • Extern: strategisch en politiek behendig opereren in de wereld van beleid, gemeenten en zorgpartners.

De uitdaging is dus om samen sterker te worden, met collectief leiderschap van binnenuit en politieke behendigheid naar buiten toe. POS zet daarbij in op institutionele vernieuwing: beleid dat ruimte biedt aan álle typen aanbieders, en financiering die maatschappelijke impact beloont.